Nieuwe koers zzp-wetgeving: kabinet schrapt deel VBAR en maakt weg vrij voor Zelfstandigenwet
Laatst geüpdatet
1 oktober 2026
Leestijd
5 minuten
- Laatst geüpdate: 1 oktober 2026
- Leestijd: 5 minuten
Update 1 oktober 2026: voorstel Zelfstandigenwet gepubliceerd
Na de koerswijziging van maart is er nu een nieuwe stap: het kabinet heeft zijn voorstel voor de Zelfstandigenwet gepubliceerd. De internetconsultatie loopt tot en met 29 oktober 2026. De nieuwe regels gelden nog niet.
Lees wat de nieuwe Zelfstandigenwet voor jou betekent. Hieronder lees je hoe de koerswijziging rond VBAR daartoe heeft geleid en welke regels nu gelden.
Op 6 maart 2026 kondigde het kabinet aan het verduidelijkingsdeel van VBAR te schrappen. Daarmee veranderde de route naar nieuwe regels voor zelfstandig werken. Het rechtsvermoeden bij een laag uurtarief ging door; voor duidelijkheid over zelfstandig werken zet het kabinet in op de Zelfstandigenwet.
Die keuze is belangrijk als je zelf opdrachten aanneemt, maar ook als je als ondernemer andere zelfstandigen inhuurt. Het schrappen van een deel van VBAR betekende niet dat de bestaande regels voor zelfstandig werken verdwenen.
-1.jpeg?width=552&height=249&name=shutterstock_1389250184%20(1)-1.jpeg)
In het kort
Het kabinet heeft één deel van VBAR geschrapt. Het aparte rechtsvermoeden bij een laag uurtarief is inmiddels wet en gaat op 31 december 2026 in. Het voorstel voor de Zelfstandigenwet is op 1 oktober 2026 gepubliceerd voor internetconsultatie.
Het schrappen van voorgestelde regels verandert de beoordeling van je huidige opdracht niet. Je kijkt samen met je opdrachtgever naar de geldende wet, rechtspraak en de feitelijke samenwerking. Ook de handhaving loopt door.
Snel naar
Waarom schrapte het kabinet een deel van VBAR?
VBAR stond voor Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden. Het voorstel combineerde twee onderwerpen: duidelijker vastleggen wanneer iemand werknemer is en het makkelijker maken om bij een laag uurtarief werknemersrechten op te eisen.
Volgens het kabinetsbericht van 6 maart 2026 ontbrak voor het verduidelijkingsdeel voldoende draagvlak en zorgde dat deel voor onrust. Het kabinet wilde voorkomen dat opdrachten onnodig wegvielen. Daarom haalde het die voorgestelde beoordelingsregels van tafel.
| Onderdeel | Wat is ermee gebeurd? | Betekenis voor jou |
|---|---|---|
| Verduidelijkingsdeel VBAR | Geschrapt in maart 2026. | Deze voorgestelde criteria worden niet ingevoerd via dat deel van VBAR. |
| Rechtsvermoeden bij een laag uurtarief | Als afzonderlijke wet aangenomen; start op 31 december 2026. | Een werkende krijgt onder voorwaarden een eenvoudiger route om werknemersrechten op te eisen. |
| Zelfstandigenwet | Consultatievoorstel gepubliceerd op 1 oktober 2026; reageren kan tot en met 29 oktober. | De twee voorgestelde toetsen gelden nog niet. Beoogde invoering: 1 januari 2028. |
Het rechtsvermoeden bij een laag uurtarief gaat wel door
Het rechtsvermoeden is inmiddels als afzonderlijke wet gepubliceerd. Het inwerkingtredingsbesluit bepaalt dat de wet op 31 december 2026 ingaat. Een werkende die aan de voorwaarden voldoet, kan een beroep doen op het vermoeden dat er een arbeidsovereenkomst is. De opdrachtgever kan vervolgens aantonen dat daarvan geen sprake is.
Dit is geen wettelijk minimumtarief voor zzp’ers. Het verbiedt niet om onder de tariefgrens een zelfstandige opdracht uit te voeren. Omgekeerd bewijst een hoger tarief niet dat je buiten loondienst werkt.
In de wet staat een basisbedrag van € 36 dat wordt geïndexeerd. De overheid noemde eerder € 38 op de peildatum 1 januari 2026. Het bedrag bij de start wordt afzonderlijk vastgesteld. Bekijk voor de bedragen, voorwaarden en voorbeelden onze uitleg over het rechtsvermoeden bij een laag uurtarief.
Welke plaats krijgt de Zelfstandigenwet?
Het kabinet heeft op 1 oktober 2026 het nieuwe voorstel voor de Zelfstandigenwet gepubliceerd. Dat is een nieuwe versie na het initiatiefvoorstel van VVD, D66, CDA en SGP uit 2025. Het doel: vóór de start van een opdracht duidelijker weten of je als zelfstandig ondernemer kunt werken.
Het voorstel bevat twee toetsen. De zelfstandigentoets kijkt naar jou als ondernemer: onder meer je opdrachtgevers, je administratie en geld dat je besteedt aan voorzieningen zoals verzekeringen of pensioen. De werkrelatietoets kijkt naar de concrete opdracht: heb je vrijheid in je werk en werk je voor eigen rekening en risico?
Voldoe je aan alle voorwaarden van beide toetsen en werken jullie in de praktijk ook zo? Dan biedt het voorstel zekerheid dat er binnen die samenwerking geen werkgeversgezag is. Kun of wil je niet aan alle voorwaarden voldoen? Dan bekijk je nog steeds alle omstandigheden samen, volgens de bestaande regels. Je bent dan dus niet automatisch werknemer.
Reageren op het kabinetsvoorstel kan tot en met 29 oktober 2026. Het kabinet wil de wet op 1 januari 2028 laten ingaan, maar de inhoud en ingangsdatum staan nog niet vast. Dit is een andere consultatie dan de inmiddels gesloten ronde over het initiatiefvoorstel uit 2025.
Het rechtsvermoeden bij een laag uurtarief heeft al een vastgestelde ingangsdatum. De Zelfstandigenwet is nog een voorstel. In onze volledige uitleg over de Zelfstandigenwet lees je wat de toetsen betekenen voor bijvoorbeeld starters en ondernemers die per uur werken.
Hoe beoordeel je een huidige zzp-opdracht?
Het verdwijnen van een wetsvoorstel is geen vrijstelling van de bestaande regels. Volgens de Belastingdienst beoordeel je alle relevante feiten en omstandigheden in samenhang. Denk aan de aansturing, de manier waarop het werk en de werktijden worden bepaald, ondernemersrisico en je ondernemerschap buiten deze opdracht.
Je contract helpt om afspraken vast te leggen, maar de uitvoering moet daarmee overeenkomen. Eén opdrachtgever, een hoog tarief, een KVK-inschrijving of een eigen website geeft afzonderlijk geen beslissend antwoord. Onze 10 praktische vragen over de Wet DBA behandelen herkenbare situaties.
De handhaving op schijnzelfstandigheid loopt door
Sinds 1 januari 2025 gelden weer de normale regels voor de handhaving door de Belastingdienst. Een opdrachtgever kan bij schijnzelfstandigheid te maken krijgen met correcties en naheffingen voor de loonheffingen. De voorbereiding van nieuwe wetgeving zet dat niet stil.
De Belastingdienst beschrijft voor 2026 dat vergrijpboetes mogelijk zijn, terwijl in 2026 nog geen verzuimboetes worden opgelegd. Een vergrijpboete is dus geen automatisch gevolg van iedere onjuiste beoordeling. De precieze gevolgen hangen af van de situatie.
Wat kun je nu met je opdrachtgever bespreken?
Neem een lopende of nieuwe opdracht als uitgangspunt. Bespreek welk werk je gaat doen, hoeveel vrijheid je daarbij hebt, hoe je wordt aangestuurd en welke verantwoordelijkheid je draagt. Vergelijk die afspraken met de praktijk, zeker wanneer een opdracht wordt verlengd of verandert.
Gebruik de Wet DBA-checklist om dat gesprek voor te bereiden. Als je twijfelt over de beoordeling, laat dan de concrete samenwerking bekijken. De mededeling dat het kabinet VBAR deels heeft geschrapt, lost die twijfel niet op.
Veelgestelde vragen over de koerswijziging
Is VBAR helemaal van tafel?
Het verduidelijkingsdeel is geschrapt. Het rechtsvermoeden bij een laag uurtarief is wel doorgegaan en als afzonderlijke wet aangenomen. Het helpt dus om die twee onderdelen uit elkaar te houden.
Mag ik door het schrappen van VBAR weer iedere opdracht als zzp’er doen?
Nee. Het ging om voorgestelde nieuwe criteria. De bestaande regels en de beoordeling van de feitelijke arbeidsrelatie blijven gelden. Een opdracht die in de praktijk loondienst is, wordt door deze koerswijziging niet automatisch zelfstandig werk.
Moet mijn opdrachtgever wachten op de Zelfstandigenwet?
Je opdrachtgever kan huidige en nieuwe opdrachten beoordelen volgens de regels die nu gelden. Het voorstel van 1 oktober 2026 is nog geen wet. Je kunt de twee voorgestelde toetsen dus nog niet gebruiken om wettelijke zekerheid te krijgen.
Geldt € 38 al als wettelijk minimumtarief?
Nee. Het genoemde bedrag hoort bij het rechtsvermoeden en is geen minimumtarief. De wet gaat op 31 december 2026 in; het bij de start geldende bedrag wordt afzonderlijk vastgesteld.
Lees wat het nieuwe voorstel voor jou betekent
In het hoofdartikel vind je de twee toetsen, concrete voorbeelden en de planning. Werk je als zzp’er? Daar kun je via onze nieuwe peiling ook laten horen wat jij van de plannen vindt.
Bronnen en actualiteit
Dit artikel beschrijft de koerswijziging van maart 2026. De stand van zaken is op 1 oktober 2026 bijgewerkt met het nieuwe consultatievoorstel.
- Rijksoverheid: nieuw voorstel Zelfstandigenwet, 1 oktober 2026
- Internetconsultatie Zelfstandigenwet: conceptwet en toelichting, 1–29 oktober 2026
- Rijksoverheid: koerswijziging voor zzp’ers en opdrachtgevers, 6 maart 2026
- Tweede Kamer: uitwerking Zelfstandigenwet, 10 september 2026
- Staatsblad 2026, 158: wet rechtsvermoeden op basis van een uurtarief
- Staatsblad 2026, 207: inwerkingtredingsbesluit
- Belastingdienst: wanneer is sprake van loondienst?
- Belastingdienst: handhaving op arbeidsrelaties
Handig artikel? Deel dit met een andere ondernemer
Stuur de uitleg eenvoudig door via WhatsApp, LinkedIn of e-mail.
Je las zojuist een artikel uit de Knab Bieb. Dé online verzamelplek met honderden praktische artikelen over hoe je je geldzaken als zzp’er slim kunt regelen.
Casper Zwart
Casper is Lead Thought Leadership & Customer Insights bij Knab. Op basis van onderzoek en data helpt hij ondernemers financieel slimmer te ondernemen en draagt hij bij aan de kennispositie van Knab op het gebied van zelfstandig ondernemerschap.





