Nieuwe pensioenstelsel: wat verandert er voor jou?
Laatst geüpdatet
14 juli 2026
Leestijd
5 minuten
- Laatst geüpdate: 14 juli 2026
- Leestijd: 5 minuten
De nieuwe pensioenwet geldt sinds 1 juli 2023. Toch is jouw pensioenregeling mogelijk nog niet veranderd. Pensioenfondsen en andere uitvoerders stappen namelijk op verschillende momenten over naar het nieuwe stelsel.
Uiterlijk op 1 januari 2028 moeten alle pensioenregelingen zijn aangepast. Sommige fondsen zijn al over, andere volgen in 2026 of 2027. Je pensioenuitvoerder informeert je over het moment en de gevolgen voor jouw pensioen.
In dit artikel lees je wat er verandert, wat er met je opgebouwde pensioen kan gebeuren en waar je zelf op moet letten.

In het kort
In het nieuwe pensioenstelsel staat de ingelegde premie centraal en beweegt je pensioen duidelijker mee met de beleggingsresultaten. Je krijgt meer inzicht in het vermogen dat voor jouw pensioen is gereserveerd, maar blijft deelnemen aan een collectieve regeling. Je opgebouwde pensioen kan worden overgezet naar de nieuwe regeling. Uiterlijk 1 januari 2028 moeten alle pensioenregelingen zijn aangepast.
Snel naar
Waarom komen er nieuwe pensioenregels?
Wat verandert er aan je pensioen?
Wat gebeurt er met je opgebouwde pensioen?
Kun je compensatie krijgen?
Wat verandert er aan het partnerpensioen?
Wat betekent de wet voor zzp’ers?
Wat moet je zelf doen?
Waarom komen er nieuwe pensioenregels?
Het Nederlandse pensioenstelsel is ingericht in een periode waarin mensen vaak lang bij dezelfde werkgever bleven. Tegenwoordig wisselen werknemers vaker van baan en werken meer mensen tijdelijk, parttime of als zelfstandige.
Ook was in het oude stelsel niet altijd duidelijk hoeveel vermogen voor iedere deelnemer beschikbaar was en waarom pensioenen soms niet stegen terwijl pensioenfondsen goede beleggingsresultaten behaalden.
De nieuwe regels moeten het pensioen:
- duidelijker laten aansluiten op de ingelegde premie;
- persoonlijker en inzichtelijker maken;
- sneller laten reageren op goede en slechte beleggingsresultaten;
- beter laten aansluiten op een arbeidsmarkt waarin mensen vaker van werkvorm wisselen.
De nieuwe regels geven geen garantie dat iedereen meer pensioen krijgt. De uitkomst blijft afhankelijk van onder meer de premie, beleggingsresultaten, kosten en de afspraken binnen je pensioenregeling.
Wat verandert er aan je werkgeverspensioen?
| Onderdeel | Oude stelsel | Nieuwe stelsel |
|---|---|---|
| Belangrijkste afspraak | Vaak een beoogde pensioenuitkering. | De premie die voor pensioen wordt ingelegd. |
| Inzicht | Opgebouwde pensioenaanspraak. | Meer inzicht in het vermogen dat voor jouw pensioen is gereserveerd. |
| Beleggingsresultaten | Werkten vaak vertraagd door in het pensioen. | Werken sneller door in de verwachte of ingegane uitkering. |
| Premie | De pensioenopbouw kon per leeftijd verschillen. | Binnen de regeling geldt in beginsel hetzelfde premiepercentage voor verschillende leeftijden. |
Je pensioen wordt beweeglijker
In het nieuwe stelsel worden minder grote buffers aangehouden. Daardoor kunnen positieve beleggingsresultaten eerder worden verwerkt in de pensioenen.
Daar staat tegenover dat tegenvallende resultaten ook eerder zichtbaar kunnen worden. Pensioenuitvoerders gebruiken reserves en andere mechanismen om grote schommelingen te beperken, maar kunnen waardedalingen niet volledig uitsluiten.
Je krijgt geen gewone persoonlijke beleggingsrekening
Je ziet duidelijker welk deel van het collectieve pensioenvermogen voor jouw pensioen is gereserveerd. Dat betekent niet dat je zelf aandelen kiest of het bedrag vrij kunt opnemen.
De pensioenuitvoerder blijft het vermogen collectief beleggen. Ook worden risico’s, zoals lang leven en overlijden, binnen de regeling gedeeld.
Je AOW verandert niet door deze wet
De nieuwe pensioenregels gaan vooral over pensioen dat je via een werkgever opbouwt en over fiscale pensioenopbouw die je zelf regelt. De AOW blijft een afzonderlijke wettelijke uitkering.
Wat gebeurt er met je opgebouwde pensioen?
Veel pensioenfondsen zetten het bestaande pensioenvermogen over naar de nieuwe regeling. Dit wordt ook wel invaren genoemd.
Bij het verdelen van het bestaande vermogen moet het pensioenfonds rekening houden met verschillende groepen, zoals:
- werknemers die nog pensioen opbouwen;
- voormalige werknemers met een opgebouwd pensioen;
- gepensioneerden die al een uitkering ontvangen;
- jongere en oudere deelnemers.
Het pensioenfonds moet onderbouwen dat de verdeling evenwichtig is. De Nederlandsche Bank beoordeelt onder meer of de overgang financieel beheerst kan worden uitgevoerd. De Autoriteit Financiële Markten houdt toezicht op de informatie aan deelnemers.
Gaat ieder opgebouwd pensioen automatisch mee?
Nee. De manier waarop de overgang plaatsvindt, verschilt per pensioenregeling.
Bij pensioenfondsen wordt bestaand pensioen vaak ingevaren. Bij verzekeraars en premiepensioeninstellingen kunnen bestaande regelingen soms blijven staan, terwijl alleen toekomstige pensioenopbouw onder nieuwe voorwaarden plaatsvindt.
Je pensioenuitvoerder laat je weten:
- wanneer jouw regeling overstapt;
- of je opgebouwde pensioen wordt overgezet;
- wat je vóór en na de overgang naar verwachting ontvangt;
- welke aannames en scenario’s daarbij zijn gebruikt.
Kun je compensatie krijgen?
De overstap naar een leeftijdsonafhankelijke premie kan voor bepaalde groepen nadelig uitpakken. Dit kan vooral spelen bij werknemers die onder het oude systeem relatief dicht bij de jaren met een hogere pensioenopbouw zaten.
Werkgevers en werknemers kunnen daarom compensatie afspreken. Die compensatie kan bijvoorbeeld bestaan uit:
- extra pensioenvermogen;
- een tijdelijke aanvullende pensioenpremie;
- een compensatie via het salaris of andere arbeidsvoorwaarden.
Niet iedereen krijgt automatisch compensatie. Of je ervoor in aanmerking komt en hoe deze wordt betaald, hangt af van de afspraken voor jouw pensioenregeling.
Let extra op bij een baanwissel
Compensatie kan gekoppeld zijn aan je werkgever of pensioenregeling. Vraag vóór een baanwissel welke compensatie je mogelijk misloopt en wat je bij je nieuwe werkgever ontvangt.
Wat verandert er aan het partnerpensioen?
De regels voor partnerpensioen bij overlijden vóór de pensioendatum worden uniformer. De dekking wordt in nieuwe regelingen meestal gebaseerd op een percentage van het salaris en staat los van het aantal jaren dat je al aan de regeling deelneemt.
Dat kan gunstig zijn als je nog maar kort bij een werkgever werkt. Tegelijk is partnerpensioen vóór pensionering vaak een risicoverzekering. De dekking kan daardoor veranderen wanneer je uit dienst gaat.
Controleer daarom:
- hoeveel je partner ontvangt als jij vóór je pensioen overlijdt;
- wat er gebeurt wanneer je van baan verandert;
- hoelang de dekking na uitdiensttreding doorloopt;
- of je partner correct bij de pensioenuitvoerder is geregistreerd.
Lees de uitgebreide uitleg in partnerpensioen: wat krijgt je partner als jij overlijdt?
Wat betekent de nieuwe pensioenwet voor zzp’ers?
De nieuwe pensioenwet geeft zzp’ers niet automatisch toegang tot een werkgeverspensioen. De meeste zelfstandigen blijven zelf verantwoordelijk voor aanvullend pensioen.
De directe verandering zit vooral in de ruimere fiscale mogelijkheden voor lijfrente:
- de jaarruimte kan oplopen tot 30% van de fiscale premiegrondslag;
- ongebruikte fiscale ruimte kan tot tien jaar worden ingehaald;
- inleggen kan onder voorwaarden tot vijf jaar na de AOW-leeftijd.
De 30% geldt niet automatisch over je volledige winst of inkomen. Onder meer de AOW-franchise en pensioen dat je elders hebt opgebouwd worden in de berekening verwerkt. Je hebt alleen aftrek wanneer je volgens de fiscale regels een pensioentekort hebt.
Lees meer in nieuwe pensioenwet voor zzp’ers: dit is er veranderd.
Wat moet je zelf doen?
Je hoeft de overstap niet zelf te regelen. Je werkgever, pensioenuitvoerder en vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers maken de nieuwe pensioenafspraken.
Het is wel verstandig om de gevolgen voor jouw situatie te controleren:
- Zoek op wanneer je pensioenregeling overstapt.
Dit staat op de website van je pensioenuitvoerder. - Lees de persoonlijke berekening.
Vergelijk je verwachte pensioen vóór en na de overgang. - Controleer of je compensatie ontvangt.
Let daarbij ook op de gevolgen van een baanwissel. - Bekijk je partnerpensioen.
Controleer vooral wat er gebeurt als je uit dienst gaat. - Controleer je totale pensioen.
Bekijk AOW en werkgeverspensioen op Mijnpensioenoverzicht.nl. - Voeg eigen vermogen toe.
Denk aan lijfrente, spaargeld en beleggingen die niet volledig in het pensioenoverzicht staan.
Kun je bezwaar maken tegen het invaren?
Je kunt als individuele deelnemer meestal niet zelf kiezen om wel of niet mee te gaan bij een collectieve overgang van een pensioenfonds. Er gelden wel wettelijke procedures, medezeggenschap en mogelijkheden om klachten in te dienen.
Ben je het niet eens met de uitvoering of informatie? Begin dan bij de klachtenprocedure van je pensioenuitvoerder. Daarna kun je afhankelijk van de situatie terecht bij de Geschilleninstantie Pensioenfondsen, het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening of de rechter.
Uiterlijk in 2028 is je regeling over
De nieuwe pensioenwet geldt al, maar de uitvoering vindt gefaseerd plaats. Daardoor kan iemand bij het ene pensioenfonds al onder het nieuwe stelsel vallen, terwijl een andere regeling pas in 2027 overstapt.
Voor jou is vooral de persoonlijke informatie van je pensioenuitvoerder relevant. Kijk niet alleen naar het verwachte bedrag direct na de overgang, maar ook naar de mogelijke uitkomsten bij gunstige en tegenvallende omstandigheden.
Wil je naast je werkgeverspensioen zelf iets opbouwen?
Breng eerst je AOW, werkgeverspensioen en verwachte uitgaven in kaart. Daarna kun je bepalen of pensioensparen, pensioenbeleggen of vrij vermogen een passende aanvulling is.
Dit artikel bevat algemene informatie en is geen persoonlijk fiscaal, financieel of pensioenadvies. De exacte gevolgen van de overgang verschillen per pensioenregeling en persoonlijke situatie. Gebruik de informatie van je werkgever en pensioenuitvoerder als uitgangspunt.
Oskar Barendse
Oskar Barendse (FFP RPLP) is Financieel Expert bij Knab en is expert op het gebied van personal finance en financiële planning.





