Knab-peiling 2025: 71% steun voor plannen Zelfstandigenwet
Laatst geüpdatet
1 oktober 2026
Leestijd
6 minuten
- Laatst geüpdate: 1 oktober 2026
- Leestijd: 6 minuten
Update 1 oktober 2026: er ligt een nieuw voorstel
Het kabinet heeft een nieuwe versie van de Zelfstandigenwet gepubliceerd. Dit artikel gaat over onze peiling uit april 2025. De uitkomsten hieronder zeggen dus iets over de plannen van toen, niet over de steun voor het nieuwe voorstel.
Lees onze uitleg over de nieuwe Zelfstandigenwet. In dat artikel vind je ook de nieuwe Knab-peiling, waarin je als zzp’er je mening kunt geven.
In een Knab-peiling van 3 tot en met 7 april 2025 zei 71% van de ruim 7.500 deelnemende zzp’ers dat zij de toenmalige plannen voor de Zelfstandigenwet zouden steunen als zij in de Tweede Kamer zaten. 17% was tegen en 12% wist het nog niet.
De antwoorden laten zien wat deze ondernemers belangrijk vonden: vooraf duidelijkheid over hun positie, erkenning van hun ondernemerschap en keuzevrijheid bij het regelen van risico’s. Tegelijk waren er zorgen over kosten, extra administratie en de ruimte voor langdurige opdrachten.
Hieronder vind je de oorspronkelijke uitkomsten en de toelichting daarop. Zo blijft duidelijk wat de deelnemers in 2025 belangrijk vonden.

In het kort
71% van de deelnemers steunde de toenmalige plannen voor de Zelfstandigenwet. 82% vond het belangrijk om vooraf te weten of zij als zelfstandige werden erkend. 57% was bereid extra administratieve stappen te zetten als die vooraf meer duidelijkheid opleverden.
Het gaat om antwoorden uit april 2025, bij de uitleg van de plannen van toen. Deze percentages zijn geen oordeel over het kabinetsvoorstel dat op 1 oktober 2026 is gepubliceerd.
Snel naar
71% steun voor de plannen van toen
Deelnemers kregen bij de vragenlijst een begrijpelijk Knab Bieb-artikel over de toenmalige plannen. Zij beantwoordden vervolgens onder meer de vraag of ze het voorstel zouden steunen als ze in de Tweede Kamer zaten. De verdeling was 71% voor, 17% tegen en 12% onzeker.
Bijna 40% zei zich te hebben ingelezen en een goed beeld van de plannen te hebben. Binnen die groep was 77% voor en 17% tegen. Dat is een verschil tussen groepen deelnemers. De peiling bewijst niet dat het lezen van de uitleg de hogere steun veroorzaakte.
In dezelfde peiling gaf 27% steun aan de toenmalige Wet DBA en de destijds beoogde opvolger VBAR. Ook die uitkomst hoort bij de situatie en de vraagstelling in april 2025.
Duidelijkheid, administratie en keuzevrijheid
| Onderwerp in de peiling van april 2025 | Uitkomst onder deelnemers |
|---|---|
| Vooraf weten of je als zelfstandige wordt erkend | 82% vond dit belangrijk. |
| Duidelijk vastleggen wat je als ondernemer doet | 62% vond dit belangrijk. |
| Extra administratieve stappen voor duidelijkheid vooraf | 57% was bereid; 23% niet; de rest was neutraal. |
| Werken met duidelijke criteria, geïnspireerd op het Belgische model | 63% stond hier positief tegenover. |
| Voorzieningen voor arbeidsongeschiktheid en pensioen, met keuzevrijheid in de invulling | 65% steunde dit principe. |
In de toelichtingen kwam de behoefte aan een werkbaar antwoord vóór de start van een opdracht vaak terug. Een deelnemer verwoordde dat zo: “Eindelijk duidelijkheid. Je hoeft het er niet mee eens te zijn, maar het is in ieder geval duidelijk.”
Bij de vragen over sociale voorzieningen draaide de steun om de combinatie van verantwoordelijkheid en keuzevrijheid. Deelnemers reageerden op het idee dat je iets regelt voor arbeidsongeschiktheid en pensioen, maar zelf invloed houdt op de manier waarop. Dat is geen bewijs dat alle deelnemers een verplichte commerciële AOV of één vast pensioenproduct wilden.
Hoe deelnemers arbeidsongeschiktheid en pensioen hadden geregeld
De steun verschilde tussen deelnemers die al voorzieningen hadden en deelnemers die niets hadden geregeld. Hieronder staan de oorspronkelijk gepubliceerde percentages. De tweede kolom beschrijft het aandeel dat de voorziening noemde; de derde kolom de steun voor de toenmalige plannen binnen die groep.
Arbeidsongeschiktheid
| Genoemde voorziening in april 2025 | Aandeel deelnemers | Steun binnen deze groep |
|---|---|---|
| Arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) | 34% | 83% |
| Broodfonds/schenkkring/crowdsurance | 14% | 82% |
| Anders (buffer, eigen vermogen, loondienst) | 26% | 68% |
| Niets geregeld (wel van plan) | 15% | 72% |
| Niets geregeld (ook niet van plan) | 14% | 45% |
Onder deelnemers met een AOV was 83% voorstander van de plannen. Onder deelnemers die niets hadden geregeld en dat ook niet van plan waren, was dat 45%. Deze verschillen beschrijven een samenhang; ze laten niet zien waarom iemand voor of tegen was.
Pensioen
| Genoemde pensioenvoorziening in april 2025 | Aandeel deelnemers | Steun binnen deze groep |
|---|---|---|
| Lijfrente (pensioensparen/-beleggen) | 36% | 82% |
| Zelf sparen/beleggen | 42% | 77% |
| Al genoeg vermogen opgebouwd | 14% | 72% |
| Eigen woning of ander vastgoed | 35% | 72% |
| Zakelijk vermogen of andere investeringen | 13% | 73% |
| Partnerpensioen/erfenis | 12% | 70% |
| (Deels) doorwerken ná AOW-leeftijd | 15% | 68% |
| Op een andere manier | 10% | 65% |
| Ik heb nog niks geregeld | 9% | 57% |
Lees de percentages per categorie; tel ze niet op tot één totaal. De genoemde voorzieningen zijn antwoorden van deelnemers over hun eigen situatie in 2025. De tabellen beoordelen niet of die voorzieningen voldoende zijn of aan een toekomstige wet voldoen.
Verschillen naar uurtarief en sector
Steun naar uurtarief
In de groepen met hogere uurtarieven lag de steun doorgaans hoger. Onder deelnemers met een tarief onder € 40 per uur was 58% voorstander. Bij tarieven van € 80 tot € 150 was dat 79%. Deze tariefgroepen zijn een uitsplitsing van de peiling, geen wettelijke grens voor zelfstandig werken.
| Uurtarief (exclusief btw) | Voorstander | Tegenstander | Weet het (nog) niet |
|---|---|---|---|
| < € 40 | 58% | 25% | 17% |
| € 40 - € 60 | 63% | 23% | 14% |
| € 60 - € 80 | 69% | 18% | 13% |
| € 80 - € 100 | 79% | 13% | 8% |
| € 100 - € 150 | 79% | 13% | 8% |
| > € 150 | 76% | 14% | 10% |
| Alle deelnemers | 71% | 17% | 12% |
Steun per sector
Ook tussen sectoren waren verschillen zichtbaar. Deelnemers in de overheid, energie en duurzaamheid en ICT rapporteerden de hoogste steun. De cijfers hieronder gaan steeds over de deelnemers binnen de betreffende sector.
| Sector | Voorstander | Tegenstander | Weet het (nog) niet |
|---|---|---|---|
| Overheid | 85% | 8% | 7% |
| Energie & duurzaamheid | 82% | 8% | 10% |
| ICT | 80% | 13% | 7% |
| Zorg | 75% | 14% | 11% |
| Zakelijke dienstverlening | 75% | 15% | 10% |
| Juridisch | 72% | 15% | 13% |
| Vervoer | 72% | 26% | 2% |
| Techniek & engineering | 71% | 16% | 13% |
| Kunst & Cultuur | 68% | 19% | 13% |
| Onderwijs | 66% | 24% | 10% |
| Media & communicatie | 64% | 21% | 15% |
| Horeca | 65% | 16% | 19% |
| Bouw | 65% | 25% | 10% |
| Detail- en groothandel | 59% | 18% | 23% |
| Persoonlijke dienstverlening | 56% | 24% | 20% |
| Sport & recreatie | 50% | 28% | 22% |
| Alle deelnemers | 71% | 17% | 12% |
De oorspronkelijke publicatie vermeldt geen aantallen respondenten per tariefgroep of sector. Daardoor kun je uit deze percentages niet afleiden hoe nauwkeurig een verschil tussen twee groepen is.
Zorgen en suggesties van deelnemers
Ook voorstanders plaatsten kanttekeningen. Zij vroegen aandacht voor betaalbare voorzieningen, beperkte administratieve lasten en duidelijkheid over opdrachten die lang duren. Tegenstanders noemden vooral verlies aan vrijheid en zorgen dat nieuwe regels veel administratie zouden opleveren zonder de onzekerheid op te lossen.
Meer dan drieduizend deelnemers lichtten hun mening toe of dachten mee over verbeteringen. In de reacties kwamen onder meer deze onderwerpen terug:
- Ruimte voor langdurige projecten. Deelnemers wilden dat de beoordeling rekening hield met ondernemers die een tijdlang aan één grote opdracht werken.
- Keuzevrijheid bij financiële voorzieningen. Zij vroegen ruimte om risico’s op een manier te regelen die bij hun onderneming en privésituatie past.
- Werkbare regels voor starters en ondernemers die deels in loondienst werken. Kosten en vaste verplichtingen kunnen voor hen anders uitpakken.
- Een eenvoudig uit te leggen beoordeling vooraf. Deelnemers wilden weten wat zij en hun opdrachtgever concreet moesten vastleggen.
- Aandacht voor lage tarieven. Sommige deelnemers stelden een minimumuurtarief voor. Dat was een suggestie uit de reacties, geen vastgestelde regel.
33% van de deelnemers zei zich op dat moment onzeker te voelen over de eigen positie als ondernemer. Binnen die groep was 79% voorstander van de plannen. Daarnaast vond 65% extra eisen in risicosectoren terecht. Ook deze antwoorden horen bij de voorstellen en omstandigheden van april 2025.
Wat deze peiling toevoegt aan het debat over de Zelfstandigenwet
Onze duiding van deze resultaten: draagvlak voor duidelijkere regels hangt samen met de vraag of ondernemers er in hun dagelijkse praktijk mee kunnen werken. Deelnemers waren bereid verantwoordelijkheid te nemen en in veel gevallen extra stappen te zetten. Daar wilden zij wel bruikbare zekerheid en ruimte voor eigen keuzes voor terug.
Op 1 oktober 2026 is een nieuwe versie van de Zelfstandigenwet gepubliceerd. Daarin zijn de voorwaarden verder uitgewerkt. Andere voorwaarden kunnen tot andere reacties leiden. Daarom vragen we zzp’ers opnieuw naar hun mening. De uitkomsten van de peiling uit 2025 nemen we niet over als steun voor deze nieuwe versie.
Wat ligt er nu op tafel?
In het hoofdartikel leggen we het voorstel van 1 oktober 2026 uit, met voorbeelden voor starters en ondernemers die per uur werken. Je vindt er ook de link naar onze nieuwe peiling.
Over het onderzoek
Knab voerde de peiling uit van 3 tot en met 7 april 2025. Ruim 7.500 zelfstandig ondernemers zonder personeel vulden de vragenlijst in via de website van Knab. Zij ontvingen daarbij een begrijpelijk Knab Bieb-artikel over de toenmalige plannen. Ongeveer 40% zei zich te hebben ingelezen en de plannen goed te begrijpen.
De cijfers op deze pagina beschrijven de antwoorden van de deelnemers. De oorspronkelijke publicatie bevat geen verantwoording van een representatieve steekproef of weging. Presenteer de uitkomsten daarom als een Knab-peiling onder deelnemende zzp’ers. De genoemde steunpercentages horen bij de plannen die zij toen beoordeelden.
De onderzoeksperiode en oorspronkelijke uitkomsten zijn behouden. De toelichting en links zijn op 1 oktober 2026 bijgewerkt. Het nieuwe kabinetsvoorstel staat los van deze oude onderzoeksuitkomsten. Bekijk ook het officiële nieuwsbericht over het voorstel van 1 oktober 2026.
Handig artikel? Deel dit met een andere ondernemer
Stuur de uitleg eenvoudig door via WhatsApp, LinkedIn of e-mail.
Je las zojuist een artikel uit de Knab Bieb. Dé online verzamelplek met honderden praktische artikelen over hoe je je geldzaken als zzp’er slim kunt regelen.





