Zzp-regels 2026: Wet DBA, rechtsvermoeden, AOV en Zelfstandigenwet
Laatst geüpdatet
20 juli 2026
Leestijd
5 minuten
- Laatst geüpdate: 20 juli 2026
- Leestijd: 5 minuten
Als zzp’er heb je het waarschijnlijk al gemerkt: er gebeurt veel tegelijk. De Belastingdienst handhaaft weer op schijnzelfstandigheid, opdrachtgevers worden soms voorzichtiger en nieuwe zzp-regels zijn nog in ontwikkeling.
Dat zorgt voor onrust. Tegelijk ontstaat er ook meer lijn in het zzp-dossier. Het verduidelijkingsdeel van de VBAR is geschrapt, de wet voor het rechtsvermoeden bij lage tarieven is aangenomen en het kabinet werkt aan een nieuwe Zelfstandigenwet.
In dit artikel lees je waar we nu staan, hoe de belangrijkste regels met elkaar samenhangen en wat je de komende tijd kunt verwachten.

In het kort
De bestaande regels en rechtspraak bepalen nu of sprake is van zelfstandig werk of loondienst. Sinds 2025 handhaaft de Belastingdienst weer volgens de normale regels. De wet voor het rechtsvermoeden bij lage tarieven is aangenomen en gepubliceerd, maar nog niet in werking getreden. De Zelfstandigenwet is nog in ontwikkeling en moet vooraf meer duidelijkheid geven over wanneer je als zelfstandige kunt werken. Daarnaast werkt het kabinet aan een verplichte basisverzekering arbeidsongeschiktheid voor zelfstandigen.
Snel naar
De grote lijn
Wet DBA en handhaving
Rechtsvermoeden bij lage tarieven
Zelfstandigenwet
Verplichte AOV
Wat betekent dit voor jou?
Veelgestelde vragen
De grote lijn: van losse plannen naar één duidelijker kader
De verschillende zzp-plannen lijken losse dossiers. Toch horen ze bij dezelfde beweging. Het kabinet wil meer duidelijkheid geven over de vraag wanneer iemand echt zelfstandig werkt en wanneer er eigenlijk sprake is van loondienst.
De oude Wet VBAR zou daarvoor nieuwe wettelijke beoordelingsregels geven. Dat verduidelijkingsdeel is inmiddels geschrapt, omdat het te veel onrust veroorzaakte. In plaats daarvan werkt het kabinet aan de Zelfstandigenwet. Die moet zelfstandigen een duidelijkere positie geven en beter vastleggen wanneer zelfstandig werken wél kan.
Wat je nu ziet, is dus een overgangsfase. De bestaande regels en rechtspraak gelden nog steeds en de Belastingdienst handhaaft daarop. Tegelijk gaan onderdelen uit eerdere plannen door, zoals het rechtsvermoeden bij lage tarieven. Daarnaast werkt het kabinet aan nieuwe verplichtingen die bij ondernemerschap moeten horen, zoals een basisvoorziening bij arbeidsongeschiktheid.
Geldt nu al
De bestaande beoordeling van arbeidsrelaties en de handhaving op schijnzelfstandigheid.
Aangenomen, nog niet ingegaan
Het rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst bij een laag uurtarief.
In ontwikkeling
De Zelfstandigenwet en de verplichte basisverzekering arbeidsongeschiktheid.
De toon verschuift daarbij. De afgelopen jaren ging het vooral over risico’s, controles en beperkingen. Nu ligt de nadruk meer op de vraag hoe zelfstandig werken goed en verantwoord kan.
Wet DBA: dit is de basis die nu al geldt
De Wet DBA is niet nieuw, maar de handhaving ervan is wel weer bepalend. Sinds 1 januari 2025 handhaaft de Belastingdienst volgens de normale regels op schijnzelfstandigheid. Daarbij draait het vooral om de praktijk: hoe werk je echt samen met je opdrachtgever?
De juridische vraag is of sprake is van een arbeidsovereenkomst. Daarbij tellen de wettelijke voorwaarden, de afspraken en alle feiten en omstandigheden van de samenwerking mee. De Wet DBA regelt vooral de fiscale gevolgen en handhaving rond die beoordeling.
Een overeenkomst of modelcontract helpt, maar is nooit doorslaggevend. De Belastingdienst, een rechter of een andere partij kijkt naar de feitelijke samenwerking. Werk je zelfstandig, met eigen regie en ondernemersrisico en gedraag je je zichtbaar als ondernemer? Dan sta je sterker. Werk je zoals een werknemer binnen de organisatie van je opdrachtgever, dan neemt het risico toe.
Nieuw toetsingskader van juli 2026
Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de bestaande beoordeling van arbeidsrelaties overzichtelijk samengebracht in een geactualiseerd toetsingskader.
Daarin staan 9 gezichtspunten uit het Deliveroo-arrest. Onder meer de aard en duur van het werk, je vrijheid bij de uitvoering, je plek binnen de organisatie, je tarief, je ondernemersrisico en je ondernemerschap kunnen meetellen.
Er bestaat geen vaste rangorde tussen die gezichtspunten. Alle omstandigheden worden in samenhang beoordeeld. Sinds het Uber-arrest is bovendien duidelijk dat ook je ondernemersgedrag buiten één specifieke opdracht relevant kan zijn.
Het toetsingskader is geen nieuwe wet en geen afvinklijst die vooraf volledige zekerheid geeft. Lees meer over de 9 criteria uit Deliveroo en Uber.
| Onderdeel | Stand van zaken in 2026 |
|---|---|
| Handhaving | De Belastingdienst hanteert sinds 2025 weer de normale regels. |
| Naheffingen | Correcties en naheffingen kunnen normaal gesproken worden opgelegd vanaf 1 januari 2025. |
| Boetes | Vergrijpboetes zijn in 2026 mogelijk bij opzet of grove schuld. Verzuimboetes worden in 2026 nog niet opgelegd. |
Voor zzp’ers betekent dit vooral dat je samenwerking moet kloppen in de praktijk. Niet alleen bij de start van een opdracht, maar ook daarna. Een opdracht kan in de loop van de tijd veranderen, waardoor de verhouding alsnog meer op loondienst gaat lijken.
Zzp’ers willen onderscheid tussen schijnzelfstandigheid en ondernemerschap
De onduidelijkheid rond zzp-regels heeft veel impact. Uit recent Knab-onderzoek onder ruim 20.000 zzp’ers blijkt dat 52% zich zorgen maakt over wet- en regelgeving. Dat is bijna een verdubbeling ten opzichte van het jaar ervoor.
Uit toelichtingen van zelfstandigen blijkt dat veel frustratie zit in het gevoel dat schijnzelfstandigen en bewuste ondernemers te vaak op één hoop worden gegooid. Zij merken dat opdrachtgevers voorzichtiger worden, terwijl zij zelf juist bewust zelfstandig ondernemen.
De nieuwe kabinetskoers probeert dat onderscheid duidelijker te maken: meer ruimte voor zelfstandig ondernemerschap en bescherming voor werkenden die in de praktijk vooral als werknemer functioneren.
Rechtsvermoeden bij lage tarieven: bescherming aan de onderkant
Een van de eerste concrete nieuwe regels is het rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst bij een laag uurtarief.
De Tweede Kamer nam de wet op 21 april 2026 aan. De Eerste Kamer volgde op 16 juni 2026. Op 29 juni is de wet gepubliceerd in het Staatsblad.
De wet is daarmee definitief aangenomen, maar nog niet in werking getreden. Het moment van invoering wordt later bij koninklijk besluit bepaald. Ook het tarief dat bij de start precies geldt, wordt nog afzonderlijk vastgesteld.
De kern
Verdien je na invoering maximaal het dan geldende grensbedrag? Dan kun je makkelijker stellen dat je eigenlijk werknemer bent. De opdrachtgever moet het rechtsvermoeden vervolgens weerleggen.
Het is geen minimumtarief
Je mag ook onder de grens zelfstandig werken, zolang de samenwerking daadwerkelijk zelfstandig is.
Het is geen automatisch oordeel
De werkende moet zelf een beroep doen op het rechtsvermoeden. De opdrachtgever kan daarna aantonen dat geen arbeidsovereenkomst bestaat.
Het is vooral civielrechtelijk
Het gaat om het makkelijker opeisen van werknemersrechten, zoals loon, bescherming bij ziekte en ontslagbescherming.
Hoe zit het met €38?
In de wetstekst staat een basisbedrag van €36 per uur. Dit bedrag wordt geïndexeerd. Het kabinet communiceerde voor het prijspeil van 1 januari 2026 over een bedrag van ongeveer €38.
Omdat de wet nog niet is ingegaan en het bedrag voor de eerste toepassing afzonderlijk wordt vastgesteld, is €38 nog geen definitieve, geldende wettelijke grens.
Als uiteindelijk wordt geoordeeld dat sprake is van een arbeidsovereenkomst, kan de werkende recht krijgen op bijvoorbeeld loon bij ziekte, vakantiegeld, ontslagbescherming en mogelijk pensioenopbouw via de werkgever.
Ook bij lage tarieven telt het totaalplaatje
De tariefgrens bepaalt niet automatisch of je wel of geen ondernemer bent. Ook met een lager uurtarief kun je nog steeds zelfstandig werken. Bij een discussie over de arbeidsrelatie blijven alle omstandigheden van de samenwerking relevant, zoals ook volgt uit de Deliveroo- en Uber-uitspraken.
Het rechtsvermoeden maakt het vooral makkelijker om in specifieke situaties een beroep te doen op werknemerschap. Het vervangt de bredere beoordeling van de arbeidsrelatie niet.
Zelfstandigenwet: de kapstok die alles moet verbinden
Het rechtsvermoeden is geen eindpunt. De grotere verandering moet komen van de Zelfstandigenwet.
Die wet is nog in ontwikkeling. Het kabinet wil daarmee vooraf duidelijkere spelregels bieden aan zzp’ers en opdrachtgevers. Het doel is een soort veilige haven: wie de opdracht volgens de toekomstige regels inricht en daar in de praktijk aan blijft voldoen, moet er beter op kunnen vertrouwen dat zelfstandig werken mogelijk is.
Minister Aartsen wil het wetsvoorstel naar verwachting eind 2026 voor advies aan de Raad van State aanbieden. Het kabinet streeft naar invoering op 1 januari 2028. Dat zijn streefdata. Het wetsvoorstel moet nog worden uitgewerkt, beoordeeld en door de Tweede en Eerste Kamer worden aangenomen.
Belangrijk daarbij is dat er breder wordt gekeken dan één losse opdracht. Het gaat ook om je ondernemerschap als geheel.
Kijk je alleen naar één opdracht?
Dan mis je soms het grotere beeld. Iemand kan binnen één opdracht veel afstemmen met een opdrachtgever, maar als ondernemer toch duidelijk zelfstandig zijn.
Kijk je naar ondernemerschap als geheel?
Dan kunnen ook zaken meetellen zoals andere klanten, acquisitie, investeringen, financieel risico, eigen materialen, zichtbaarheid en de manier waarop je je bedrijf organiseert.
Dat bredere beeld telt nu al mee bij het toepassen van het negende gezichtspunt uit het Uber-arrest. De Zelfstandigenwet moet vooral meer duidelijkheid vooraf bieden, zodat niet pas achteraf discussie ontstaat over de arbeidsrelatie.
Arbeidsongeschiktheid: verplichte basisverzekering in voorbereiding
Een ander belangrijk onderdeel van de nieuwe zzp-koers is de verplichte basisverzekering arbeidsongeschiktheid voor zelfstandigen. Die wordt vaak de BAZ genoemd.
De wet is nog niet ingevoerd. Het voorstel is voor advies naar de Raad van State gestuurd. Daarna volgen nog behandeling door de Tweede en Eerste Kamer en een lang uitvoeringstraject. De daadwerkelijke start ligt daarom waarschijnlijk pas over enkele jaren.
Premie
5,4%
van je inkomen, met een maximum. Het percentage kan nog veranderen.
Maximale premie
€171
bruto per maand. Ook dit bedrag kan nog veranderen.
Wachttijd
2 jaar
De eerste periode moet je zelf overbruggen.
De uitkering wordt 70% van het inkomen dat je verdiende voordat je arbeidsongeschikt werd, tot maximaal het minimumloon. Daarmee is de regeling vooral een basisvangnet. Voor veel zzp’ers zal dit niet genoeg zijn om de huidige levensstandaard te behouden.
Aanvullen met een eigen buffer, schenkkring of private verzekering kan dus nog steeds relevant zijn. Lees ook ons artikel Alles wat zzp’ers moeten weten over de verplichte AOV.
Blijf op de hoogte
De komende maanden volgen meer debatten en besluiten over zzp-wetgeving. Wil je dat blijven volgen? Volg Knab op LinkedIn. Daar delen we regelmatig updates over relevante zzp-onderwerpen.
Wat betekent dit voor jou?
Als je alles bij elkaar neemt, ontstaat er een duidelijke lijn. Zelfstandig ondernemerschap blijft mogelijk, maar je moet het wel kunnen laten zien.
Werk je als zelfstandige met eigen regie, ondernemersrisico, zakelijke onderhandelingsruimte en een duidelijke eigen bedrijfsvoering? Dan sluit de nieuwe koers daar beter op aan. Ook acquisitie, andere opdrachten en je zichtbaarheid als ondernemer kunnen je positie ondersteunen.
Werk je langdurig voor één opdrachtgever, in een team met werknemers, onder directe aansturing en zonder ondernemersrisico? Dan wordt het risico op schijnzelfstandigheid groter. Dat geldt zeker bij lagere tarieven.
Sta sterker als zelfstandige
Werk zichtbaar als ondernemer: met eigen keuzes, eigen risico, zakelijke afspraken en een herkenbare bedrijfsvoering.
Let op bij loondienstachtige opdrachten
Hoe meer je wordt aangestuurd en behandeld als een gewone werknemer, hoe groter het risico.
Regel je vangnet
Het opvangen van de financiële gevolgen van arbeidsongeschiktheid wordt steeds meer onderdeel van wat bij ondernemerschap hoort.
“Losse puzzelstukjes vallen samen”
Oskar Barendse, financieel expert bij Knab:
“We zien in onze onderzoeken dat veel zzp’ers de afgelopen tijd vooral behoefte hadden aan één ding: duidelijkheid. Door alle losse maatregelen en wisselende signalen ontstond het gevoel dat iedereen over één kam werd geschoren, terwijl de meeste zzp’ers juist heel bewust ondernemen.
Wat er nu gebeurt, is dat die losse puzzelstukjes steeds meer samenkomen. Met de Zelfstandigenwet als kapstok moet duidelijker worden wat er van je verwacht wordt als ondernemer en waar de grens ligt met loondienst.
Voor zzp’ers die hun ondernemerschap goed op orde hebben, kan dat positief zijn. Het maakt hun positie sterker en beter uitlegbaar, ook richting opdrachtgevers.
Tegelijk wordt het voor situaties die daar tegenaan zitten lastiger om in stand te blijven. En dat is precies het onderscheid waar veel zzp’ers al langer om vragen.”
Wat kun je nu al doen?
Je hoeft niet te wachten tot alle wetten definitief zijn. Je kunt nu al kijken of je manier van werken past bij zelfstandig ondernemerschap.
Check je opdracht in de praktijk
Kijk niet alleen naar je contract. Heb je professionele vrijheid, onderhandel je over je afspraken en draag je zelf ondernemersrisico? Dan ondersteunt dat je zelfstandige positie.
Bespreek de samenwerking met je opdrachtgever
Maak afspraken over de inhoud en duur van de opdracht, zelfstandigheid, vervanging, beschikbaarheid, gebruik van middelen en de manier waarop je werk wordt afgestemd of aangestuurd.
Let op je tarief
Werk je rond of onder het toekomstige grensbedrag voor het rechtsvermoeden? Dan kan die nieuwe wet na invoering relevant worden. Het is geen verbod, minimumtarief of automatisch oordeel, maar kan wel invloed hebben op hoe opdrachtgevers naar je opdracht kijken.
Denk na over arbeidsongeschiktheid
De verplichte basisverzekering wordt een vangnet, maar geen volledige inkomensbescherming. Kijk daarom ook naar je financiële vangnet bij ziekte.
Veel verandert, maar de richting wordt duidelijker
De afgelopen jaren draaiden vooral om onzekerheid. De komende periode draait om het vastleggen van nieuwe spelregels.
Die spelregels zijn nog niet allemaal definitief. Toch wordt de richting duidelijker: ruimte voor zelfstandig ondernemerschap, meer bescherming aan de onderkant en meer verantwoordelijkheid voor zaken die bij ondernemerschap horen, zoals arbeidsongeschiktheid.
Knab houdt je op de hoogte
Bij Knab volgen we de ontwikkelingen rondom zzp-wetgeving op de voet. Via LinkedIn delen we regelmatig updates en duiding, zodat je weet wat er speelt en wat dat voor jou betekent.
Ook zeker weten dat je niets mist?
Veelgestelde vragen over zzp-regels in 2026
Wat is de belangrijkste zzp-regel in 2026?
De huidige wettelijke regels en rechtspraak bepalen of je zelfstandig werkt of dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst. De Belastingdienst handhaaft daarop via de Wet DBA. Het toetsingskader van juli 2026 legt overzichtelijk uit welke feiten en omstandigheden daarbij meetellen.
Wordt de Wet DBA nog gehandhaafd?
Ja. Sinds 1 januari 2025 hanteert de Belastingdienst weer de normale regels. In 2026 zijn vergrijpboetes mogelijk bij opzet of grove schuld, maar verzuimboetes worden in 2026 nog niet opgelegd.
Wat is het rechtsvermoeden bij lage tarieven?
De wet voor het rechtsvermoeden maakt het voor werkenden met maximaal het toekomstige grensbedrag makkelijker om te stellen dat ze eigenlijk werknemer zijn. De opdrachtgever moet het vermoeden dan weerleggen. De wet is aangenomen en gepubliceerd, maar nog niet in werking getreden.
Is €38 per uur straks een minimumtarief voor zzp’ers?
Nee. Het rechtsvermoeden is geen minimumtarief en geen verbod om onder de grens zelfstandig te werken. Bovendien staat het exacte bedrag bij invoering nog niet vast. Boven de grens ben je ook niet automatisch zelfstandige.
Wat is de Zelfstandigenwet?
De Zelfstandigenwet is een wet in ontwikkeling die zelfstandigen en opdrachtgevers vooraf duidelijkere spelregels moet geven. Het kabinet wil het voorstel eind 2026 voor advies naar de Raad van State sturen en streeft naar invoering op 1 januari 2028. Die planning staat nog niet vast.
Wanneer komt de verplichte AOV voor zelfstandigen?
De verplichte basisverzekering arbeidsongeschiktheid is nog niet ingevoerd. Na het advies van de Raad van State moet het wetsvoorstel nog naar de Tweede en Eerste Kamer. Ook de uitvoering kost tijd. De start ligt daarom waarschijnlijk pas over enkele jaren.
Je las zojuist een artikel uit de Knab Bieb. De plek waar je alles vindt om je geldzaken slim te regelen.






