Box 3 verandert (weer): dit is de stand van zaken in begrijpelijke taal
Laatst geüpdatet
27 februari 2026
Leestijd
3 minuten
- Laatst geüpdate: 27 februari 2026
- Leestijd: 3 minuten
De regels voor box 3 liggen opnieuw onder vuur. Het kabinet heeft aangekondigd dat het plan voor de vermogensbelasting wordt aangepast na stevige kritiek van beleggers, ondernemers en politici. Daardoor is er opnieuw onzekerheid over hoe box 3 er in de toekomst uit gaat zien.
Omdat er de afgelopen jaren verschillende systemen door elkaar liepen en plannen steeds veranderden, raken veel mensen het overzicht kwijt. In dit artikel lees je in begrijpelijke taal wat er nu speelt, hoe box 3 de afgelopen jaren werkte, wat er waarschijnlijk verandert en wat je nu al wél (en niet) kunt doen.
-1.jpeg?width=552&name=shutterstock_1907808394%20(1)-1.jpeg)
Inhoud
- Wat speelt er precies in box 3?
- Periode 1: tot en met 2024 – het oude systeem en de discussie daarover
- Periode 2: 2024 tot en met 2027 – de overgangsperiode waar we nu in zitten
- Periode 3: vanaf 2028 – het plan voor belasting op werkelijk rendement
- Wat betekent dit voor jou?
- Mogelijk te veel vermogensbelasting betaald?
- Vermogen slimmer verdelen via pensioen
Wat speelt er precies in box 3?
Box 3 is de belasting die je betaalt over je vermogen, zoals spaargeld, beleggingen, crypto of een tweede woning. In 2026 betaal je box 3-belasting als je vermogen boven de € 59.357 uitkomt (€ 118.714 voor fiscale partners).
De discussie draait al jaren om één vraag: moet je belasting betalen over een rendement dat de Belastingdienst inschat, of over wat je écht aan je vermogen hebt verdiend?
Het oude systeem werkte met een geschat rendement. Dat zorgde voor problemen toen de rente jarenlang extreem laag was. Veel spaarders betaalden belasting over rendement dat ze in werkelijkheid niet hadden. Daarover zijn rechtszaken gevoerd, en de Hoge Raad oordeelde dat dit in bepaalde situaties niet eerlijk uitpakt.
Om overzicht te houden, kun je box 3 opdelen in drie periodes.
Periode 1: tot en met 2024 – het oude systeem en de discussie daarover
Tot en met 2024 werkte box 3 met een fictief (ook wel forfaitair genoemd) rendement. De Belastingdienst ging daarbij uit van een gemiddeld rendement per soort vermogen. Spaargeld kreeg een laag percentage, beleggingen een hoger percentage.
Voor veel mensen pakte dit nadelig uit, vooral in jaren met lage rente. Daardoor hebben sommige belastingbetalers mogelijk te veel belasting betaald. In bepaalde gevallen moest de overheid compensatie bieden, bijvoorbeeld aan mensen die bezwaar hadden gemaakt of nog geen definitieve aanslag hadden.
Het belangrijkste om te onthouden: deze periode gaat vooral over het verleden. De discussie draait hier om de vraag of je mogelijk te veel belasting hebt betaald en of je dat nog terug kunt krijgen.
Periode 2: 2024 tot en met 2027 – de overgangsperiode waar we nu in zitten
We zitten nu in een overgangsfase. Het oude systeem is juridisch deels afgekeurd, maar een volledig nieuw systeem is er nog niet. Daarom werkt de overheid tijdelijk met aangepaste regels.
In deze periode gebruikt de Belastingdienst nog steeds verschillende geschatte rendementen per vermogenscategorie, zoals:
- spaargeld met een relatief laag percentage
- beleggingen en andere vormen van vermogen met een hoger percentage
De overheid probeert deze percentages beter te laten aansluiten op de werkelijkheid door ze jaarlijks te baseren op actuele gegevens. Toch blijft het een schatting.
Meer ruimte voor werkelijke rendementen – maar niet automatisch
Het belangrijkste verschil met de oude periode is dat er in sommige situaties meer ruimte is om bezwaar te maken als het fictieve rendement voor jou onredelijk uitpakt. In dat geval kan jouw werkelijke rendement een rol spelen. Dit is geen standaardrecht. Je moet zelf aantonen dat het fictieve rendement in jouw situatie niet klopt.
Waarom dit voor veel mensen vervelend is
Als jouw rendement lager is dan het geschatte percentage, moet je vaak zelf in actie komen. Dat kan betekenen dat je:
- gegevens moet verzamelen over rente, dividend en waardeveranderingen
- berekeningen moet maken van je werkelijke rendement
- moet begrijpen wat volgens de regels wel en niet meetelt
Dat kost tijd en geeft onzekerheid, vooral als je meerdere soorten vermogen hebt.
Wat kun je nu doen?
Het belangrijkste is overzicht houden:
- Breng in kaart welk vermogen bij jou in box 3 valt.
- Houd je rendement en waardeveranderingen bij. Dit kan belangrijk zijn als je moet aantonen dat jouw echte rendement lager was dan het percentage van de Belastingdienst.
- Controleer jaarlijks je belastingaanslag en kijk of de berekening past bij jouw situatie.
Periode 3: vanaf 2028 – het plan voor belasting op werkelijk rendement
Het doel is om vanaf 2028 belasting te heffen over wat je écht verdient met je vermogen. In het voorstel dat recent door de Tweede Kamer is aangenomen, betaal je belasting over:
- ontvangen inkomsten zoals rente, dividend en huur
- én waardestijgingen van beleggingen, ook als je deze nog niet hebt verkocht
Dat laatste wordt ook wel belasting over papieren winst genoemd.
Maar dit voorstel ligt nu onder vuur. Minister Heinen heeft aangegeven dat het plan "terug naar de tekentafel gaat", omdat er veel kritiek is en de steun in de Eerste Kamer onzeker is.
De belangrijkste discussiepunten
Belasting over papieren winst
Je belegging kan in waarde stijgen zonder dat je iets verkoopt. Toch zou je al belasting moeten betalen. Dat kan lastig zijn, bijvoorbeeld als je geen geld beschikbaar hebt om die belasting te betalen.
Verliezen meenemen in de tijd
In het voorstel kun je verliezen wel verrekenen met winsten in toekomstige jaren. Maar als je eerst winst maakt en later verlies, kun je dat verlies niet gebruiken om belasting uit eerdere jaren terug te krijgen. Daardoor kun je belasting betalen over winst die later weer verdwijnt. Dit punt wordt nu opnieuw bekeken.
Wat betekent dit voor jou?
Voor veel mensen betekent dit vooral dat er nog onzekerheid is. Het systeem gaat veranderen, maar hoe het er precies uit gaat zien, is nog niet definitief.
Toch zijn er situaties waarin het slim kan zijn om nu al actie te ondernemen. Bijvoorbeeld als je denkt dat je in eerdere jaren te veel belasting hebt betaald of als je wilt weten hoe je je vermogen slimmer kunt verdelen.
Mogelijk te veel vermogensbelasting betaald?
Heb je in het verleden box 3-belasting betaald en ben je benieuwd of je dat terug kunt vragen? Omdat de regels complex zijn en er de afgelopen jaren veel is veranderd, hebben we samen met Fiscalert een webinar gemaakt. Hierin hoor je stap voor stap wat er nu mogelijk is en hoe je het aanpakt.
- Meer dan 5.000 mensen hebben dit webinar al bekeken
- 91% gaf aan dat het webinar aan hun verwachtingen voldeed
- 75% geeft na afloop aan te denken dat ze box 3-belasting kunnen terugvragen
Vermogen slimmer verdelen via pensioen
De box 3‑discussie laat zien dat belasting een grote rol speelt bij het opbouwen van vermogen. Kleine verschillen in belasting en rendement kunnen op lange termijn een groot effect hebben. Omdat de regels voor box 3 regelmatig veranderen, kijken veel mensen ook naar manieren om vermogen op te bouwen binnen andere fiscale kaders.
Een van die mogelijkheden is pensioenbeleggen. Daarmee bouw je vermogen op voor later, terwijl je het tegelijkertijd buiten box 3 houdt. Binnen de fiscale regels betaal je geen vermogensbelasting in box 3 over vermogen dat je belegd hebt voor je pensioen. Daarnaast kun je in veel gevallen profiteren van belastingvoordeel bij het inleggen.
Dat betekent:
- je vermogen groeit vaak efficiënter
- je betaalt nu minder belasting
- en je bouwt tegelijk aan (extra) inkomen voor later
De regels rondom vermogen blijven waarschijnlijk nog wel even in beweging. Maar wat er ook verandert: inzicht in je vermogen en op tijd slimme keuzes maken, kan op lange termijn een groot verschil maken.






