Wat is inflatie en wat betekent het voor je geld?
Laatst geüpdatet
22 juni 2026
Leestijd
3 minuten
- Laatst geüpdate: 22 juni 2026
- Leestijd: 3 minuten
Inflatie was jarenlang zo’n onderwerp waar je vooral economen over hoorde. Inmiddels merkt bijna iedereen het in het dagelijks leven. Aan de kassa, bij je energierekening, in de horeca of wanneer je boodschappen doet.
Inflatie betekent simpel gezegd dat prijzen gemiddeld stijgen. Daardoor kun je met hetzelfde bedrag minder kopen. Dat raakt je koopkracht, je spaargeld en soms ook de keuzes die je maakt met je geld.
In dit artikel lees je wat inflatie is, hoe het wordt gemeten en wat je eraan merkt.
-1.png?width=552&name=GettyImages-1094895694%20(1)-1.png)
In het kort
Inflatie betekent dat producten en diensten gemiddeld duurder worden. Daardoor daalt de koopkracht van je geld. Het CBS meet inflatie met de consumentenprijsindex. In 2025 was de gemiddelde inflatie in Nederland 3,3%. In mei 2026 lag de inflatie op 3,5%.
Snel naar
Wat is inflatie?
Inflatie is een algemene stijging van de prijzen van producten en diensten. Denk aan boodschappen, kleding, huur, energie, vervoer en zorg. Als die prijzen gemiddeld stijgen, kun je met hetzelfde geld minder kopen dan eerder.
Daarom wordt vaak gezegd dat inflatie je koopkracht verlaagt. Je euro blijft natuurlijk een euro, maar de hoeveelheid die je ermee kunt kopen neemt af.
Prijzen stijgen
Een gemiddeld pakket producten en diensten wordt duurder.
Koopkracht daalt
Je kunt met hetzelfde inkomen of spaargeld minder kopen.
Spaargeld wordt minder waard
Vooral als de spaarrente lager is dan de inflatie.
Hoe hoog is de inflatie in Nederland?
De inflatie verandert voortdurend. Het CBS publiceert elke maand nieuwe cijfers. In mei 2026 waren consumentengoederen en -diensten in Nederland 3,5% duurder dan een jaar eerder. In april 2026 was dat 2,8%.
Kijk je naar jaargemiddelden, dan zie je vooral hoe uitzonderlijk 2022 was. Daarna daalde de inflatie, maar de prijsstijging bleef hoger dan in de jaren vóór 2021.
| Jaar | Gemiddelde inflatie |
|---|---|
| 2015 | 0,6% |
| 2016 | 0,3% |
| 2017 | 1,4% |
| 2018 | 1,7% |
| 2019 | 2,6% |
| 2020 | 1,3% |
| 2021 | 2,7% |
| 2022 | 10,0% |
| 2023 | 3,8% |
| 2024 | 3,3% |
| 2025 | 3,3% |
Bron: CBS, consumentenprijsindex.
Hoe wordt inflatie gemeten?
In Nederland meet het CBS inflatie met de consumentenprijsindex, meestal afgekort tot CPI. Die index volgt de prijsontwikkeling van een groot pakket goederen en diensten dat huishoudens kopen.
Denk aan boodschappen, kleding, huur, energie, vervoer, horeca, verzekeringen en zorg. Het inflatiecijfer laat zien hoeveel dat pakket gemiddeld duurder of goedkoper is geworden ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder.
Voorbeeld
Is de inflatie 3,5%? Dan zijn consumentengoederen en -diensten gemiddeld 3,5% duurder dan een jaar eerder. Dat betekent niet dat elk product precies 3,5% duurder is geworden. Boodschappen kunnen harder stijgen, terwijl benzine of vliegtickets juist goedkoper worden.
Voor Europese vergelijkingen wordt vaak de HICP gebruikt: de Europees geharmoniseerde consumentenprijsindex. Die lijkt op de CPI, maar wordt in alle EU-landen op dezelfde manier berekend. Daardoor kun je landen beter met elkaar vergelijken.
Waarom stegen de prijzen zo hard?
De hoge inflatie van de afgelopen jaren had meerdere oorzaken. Tijdens en na de coronaperiode liepen productieketens vast, terwijl de vraag naar goederen hoog bleef. Daarna stegen energie- en voedselprijzen sterk, mede door geopolitieke spanningen. Ook hogere lonen, huren en kosten voor bedrijven werken door in prijzen.
Inflatie ontstaat dus zelden door één oorzaak. Vaak is het een combinatie van duurdere grondstoffen, hogere lonen, hogere energieprijzen, schaarste en bedrijven die kosten doorberekenen aan klanten.
Energie
Gas, stroom en brandstof hebben veel invloed op prijzen in de economie.
Voeding
Duurdere grondstoffen, transport en productie zie je terug in de supermarkt.
Lonen en huur
Ook hogere lonen en huren kunnen bijdragen aan prijsstijgingen.
Wat zijn de gevolgen van inflatie?
Inflatie merk je vooral aan je koopkracht. Als prijzen stijgen en je inkomen niet even hard meegroeit, houd je minder ruimte over. Je boodschappen, verzekeringen, huur, energie of uitjes kunnen duurder worden, terwijl je inkomen hetzelfde blijft.
Ook spaargeld wordt geraakt. Staat je geld op een spaarrekening met een rente die lager is dan de inflatie? Dan groeit je saldo misschien wel iets, maar daalt de koopkracht van dat saldo alsnog.
| Voor jou | Wat kan inflatie betekenen? |
|---|---|
| Dagelijkse uitgaven | Boodschappen, energie, vervoer en horeca kunnen duurder worden. |
| Inkomen | Je koopkracht daalt als je inkomen minder hard stijgt dan de prijzen. |
| Spaargeld | De reële waarde daalt als de inflatie hoger is dan je spaarrente. |
| Schulden | Bij vaste rente kan inflatie de reële waarde van schuld verlagen, maar hogere rentes kunnen nieuwe leningen duurder maken. |
Wat betekent inflatie voor je spaargeld?
Inflatie beïnvloedt de koopkracht van je spaargeld. Dat zie je het best door de spaarrente te vergelijken met de inflatie. Is de inflatie hoger dan je spaarrente? Dan kun je met je spaargeld later minder kopen, ook als je saldo op je rekening stijgt.
Inflatie hoger dan spaarrente
De koopkracht van je spaargeld neemt af.
Spaarrente gelijk aan inflatie
De koopkracht blijft ongeveer gelijk, vóór eventuele belasting.
Spaarrente hoger dan inflatie
De koopkracht van je spaargeld kan toenemen, vóór eventuele belasting.
In de praktijk spelen ook belasting, je spaardoel en de looptijd mee. Geld dat je binnenkort nodig hebt, wil je meestal veilig en direct beschikbaar houden. Geld dat je langer kunt missen, kun je eventueel op een andere manier laten groeien.
Heeft sparen nog zin bij inflatie?
Ja. Sparen blijft belangrijk, vooral voor je financiële buffer. Je buffer is bedoeld voor onverwachte kosten, zoals een kapotte wasmachine, onderhoud aan je huis, een periode zonder inkomen of tegenvallers in je bedrijf.
Inflatie kan de koopkracht van spaargeld aantasten, maar dat betekent niet dat je je buffer beter kunt missen. Juist in onzekere tijden geeft direct beschikbaar spaargeld rust en ruimte.
Het is daarom verstandig om eerst een financiële buffer aan te houden. Heb je daarnaast geld dat je langere tijd kunt missen? Dan kun je nadenken over andere vormen van vermogensopbouw, zoals beleggen.
Let op
Beleggen brengt risico’s met zich mee. Je beleggingen kunnen meer waard worden, maar ook minder. Maak dus altijd je eigen afweging en kijk of beleggen past bij je doel, horizon en financiële situatie.
Hoe wordt inflatie bestreden?
De Europese Centrale Bank stuurt op prijsstabiliteit in de eurozone. Het doel is 2% inflatie op de middellange termijn. Dat gaat dus over de eurozone als geheel, niet alleen over Nederland.
Een belangrijk instrument is de beleidsrente. Verhoogt de ECB de rente, dan wordt lenen meestal duurder en sparen aantrekkelijker. Daardoor kan de vraag in de economie afnemen, wat de inflatie kan drukken. Verlaagt de ECB de rente, dan kan lenen goedkoper worden en krijgt de economie juist meer ruimte.
Het effect van renteveranderingen zie je niet meteen. Het werkt meestal met vertraging door in hypotheekrentes, spaarrentes, bedrijfsinvesteringen, consumentenuitgaven en uiteindelijk de inflatie.
Inflatie en deflatie
Inflatie betekent dat prijzen gemiddeld stijgen. Deflatie is het tegenovergestelde: prijzen dalen gemiddeld. Dat klinkt aantrekkelijk, maar kan lastig zijn voor de economie.
Als consumenten verwachten dat prijzen verder dalen, kunnen ze aankopen uitstellen. Bedrijven verkopen dan minder, investeren minder en kunnen onder druk komen te staan. Daarom sturen centrale banken meestal op een lage, stabiele inflatie in plaats van op dalende prijzen.
Inflatie vraagt vooral om overzicht
Je kunt inflatie zelf niet sturen, maar je kunt wel overzicht houden. Kijk regelmatig naar je vaste lasten, je spaarrente, je buffer en je financiële doelen. Zo zie je sneller of je geld nog past bij wat je ermee wilt doen.
Voor je buffer blijft sparen belangrijk. Voor geld dat je langere tijd kunt missen, kun je onderzoeken of andere vormen van vermogensopbouw passen bij je situatie. Zo maak je bewustere keuzes, ook als prijzen blijven bewegen.
Je las een artikel uit de Knab Bieb: de online verzamelplek met praktische uitleg over geldzaken.
Arthur Buijs
Arthur werkt sinds februari 2018 bij Knab, waar hij voornamelijk schrijft over beleggen.





