Uit het onderzoek blijkt onder meer:
Nederlandse zzp’ers staan begin 2026 financieel stevig voor. Het gemiddelde uurtarief ligt op € 83 per uur en de gemiddelde winst stijgt naar € 61.570. Tegelijkertijd nemen de zorgen over regelgeving sterk toe. Inmiddels maakt 52% van de zzp'ers zich zorgen over de impact van regels zoals de Wet DBA en de mogelijke Wet VBAR. Dat is bijna een verdubbeling ten opzichte van vorig jaar (29%).
Dit en meer blijkt uit het jaarlijkse onderzoek van Knab naar de financiële positie en verwachtingen van zzp’ers, dat voor het derde jaar op rij werd uitgevoerd onder ruim 20.000 zelfstandig ondernemers. De cijfers per beroep zijn daarnaast gebundeld in het Knab Zzp Uurtarievenboekje 2026.
In de afgelopen twaalf maanden verhoogde 57% van de zelfstandigen het uurtarief, gemiddeld met 9%. Slechts 2% verlaagde het tarief, terwijl de rest het gelijk hield. Het gemiddelde uurtarief komt daarmee begin 2026 uit op € 83 per uur (2025: € 81) en de gemiddelde winst in 2025 op € 61.570, een stijging van 2% ten opzichte van het jaar daarvoor. Tegelijkertijd neemt het vertrouwen in het ondernemerschap in Nederland af. 48% kijkt nu positief naar de toekomst van ondernemen in Nederland, tegenover 55% een jaar eerder.
“Wat opvalt is het contrast in de cijfers,” zegt Oskar Barendse, financieel expert bij Knab. “Veel zelfstandigen hebben hun bedrijf financieel goed op orde. De meerderheid verhoogt het tarief en verdient meer dan een jaar geleden. Tegelijkertijd zien we dat de zorgen over regelgeving en het ondernemersklimaat duidelijk toenemen. Ondernemers maken zich minder zorgen over hun eigen bedrijf, maar meer over de omstandigheden waarin ze moeten ondernemen.”
De belangrijkste redenen voor een tariefverhoging zijn:
Ondanks de groeiende zorgen over regelgeving blijft de vraag naar zelfstandigen groot. 82% van de zzp’ers geeft aan veel vraag naar werk te ervaren, iets minder dan vorig jaar (84%), maar nog altijd een ruime meerderheid. Ook het vertrouwen in de eigen onderneming blijft hoog: 84% kijkt positief naar de toekomst van het eigen bedrijf.
Volgens Barendse laten de cijfers zien dat het beeld van de zzp-markt soms te eenzijdig wordt neergezet: “De discussie over zzp’ers gaat tegenwoordig vooral over onzekerheid en regelgeving. Die zorgen zijn er ook en nemen toe. Tegelijkertijd laten deze cijfers zien dat de vraag naar zelfstandigen nog steeds hoog is en dat veel ondernemers financieel sterk staan. Het is belangrijk om beide kanten van dat verhaal te zien.”
De verschillen tussen sectoren zijn groot. In de juridische sector ligt het gemiddelde uurtarief met € 146 het hoogst, gevolgd door overheid (€ 106) en zorgprofessionals met een masteropleiding (€ 105). Aan de onderkant liggen sectoren als horeca (€ 49), sport & recreatie (€ 54) en kunst & cultuur (€ 65). Ook de financiële ruimte verschilt sterk per sector. In sectoren als ICT, finance en overheid geeft meer dan 90% van de zelfstandigen aan financieel makkelijk rond te komen. In sectoren zoals cultuur (67%) en persoonlijke dienstverlening (64%) ligt dat percentage duidelijk lager.
Het onderzoek laat ook verschillen zien tussen mannen en vrouwen. Onder zzp’ers met een bachelor- of masteropleiding vragen mannen gemiddeld 13% hogere uurtarieven dan vrouwen met vergelijkbare opleiding en ervaring. Volgens het onderzoek hangt dat verschil deels samen met beroepskeuze en specialisaties, maar ook met verschillen in onderhandelingsvaardigheden.
Het onderzoek is voor het derde jaar op rij uitgevoerd onder meer dan 20.000 zelfstandig ondernemers in Nederland, zowel klanten als niet-klanten van Knab. De samenstelling van de respondenten vormt een representatieve afspiegeling van de Nederlandse zzp-populatie, gebaseerd op CBS-gegevens. De resultaten zijn gebundeld in het Knab Zzp Uurtarievenboekje 2026, waarin tarieven, inkomsten en marktcijfers van 80 veelvoorkomende zzp-beroepen en circa 400 specialisaties zijn geanalyseerd. De vorige editie van het uurtarievenboekje werd door meer dan 100.000 zelfstandigen gedownload.